Volksmuziek en het Kozakkenlied
Volksmuziek
Er zijn allerlei vormen van volksliederen, waaronder de boerenliederen, zeemansliederen of stadsliederen die allen in principe zijn ontstaan uit mondelinge overlevering. Tijdens het dagelijkse werk werd een lied gezongen en hierop geïmproviseerd met als resultaat een melodie die verder door het leven gaat.
Het is echter lastig om de volksliederen in categorieën in te delen. Het is de vraag of elk lied over het veld zomaar een boerenlied, of elk lied over de zee een zeemanslied genoemd mag worden. In ieder geval zijn nagenoeg alle volksliederen eenstemmig met vele varianten, dus ook instrumentaal.
Het boerenlied
Boerenliederen zijn vaak liederen die vaak gaan over het oogsten van het graan, het plukken/eten van fruit of zij geven een beschrijving van het landschap. Deze teksten komen vaak in een couplet naar voren, maar dan als introductie voor een geliefde over wie de rest van het lied gaat. Het “uitgerekte lied” (protjazhnaja) neemt een unieke plaats in. Deze lyrische plattelandsliederen worden gezongen in wijde melodische lijnen en meestal twee- of driestemmig in koor. De teksten zijn ondergeschikt aan de melodie die vol van melismatiek is (veel tonen op 1 lettergreep). Andere kenmerken zijn de woord- of lettergreepherhalingen, de grote intervalsprongen of de toegevoegde gezongen uitroepen. Andere vormen van het boerenlied, ook gebaseerd op een oude mondelinge traditie, zijn de kalenderliederen. Zij beschrijven de hoogtepunten uit de landbouwerscyclus van zaaien en oogsten, hangen samen met gebeurtenissen uit de levenscyclus (geboorte, huwelijk, dood) en met de arbeid. De kalenderliederen worden meestal op eenvoudige melodieën gezongen, zonder melismatiek. Lenteliederen hebben vaak een beperkte toonomvang, in tegenstelling tot de zomerliederen en de sterk ritmische oogstliederen. De meeste van deze gezangen worden, afhankelijk van de situatie, instrumentaal begeleid, bijv. de Oekraïense dumi met begeleiding van luit (Kobza of Bandura). Aan bijvoorbeeld de Witte Zee kent men een ononderbroken traditie van honderden epische heldenliederen (bilini).
Het stadslied
Naast de boerenmuziek is onder invloed van de 18e- en 19e-eeuwse uit het Westen geïmporteerde harmonieën het stadslied ontstaan. De melodie was nog wel gebaseerd op de wijde melodieën van de boerenstijl, maar was zonder de vele toonversieringen: tekst en westerse akkoorden begonnen de vorm te bepalen.
De balalaika en later de accordeon (Bayan) dienden als de algemeen gangbare begeleiding van deze stadsstijl. Hierdoor raakten in sommige gebieden de oude boerenliederen in onbruik. Kenmerkend voor deze zeer populair geworden stijl zijn de overwegende kleine-tertstoonsoort of afwisselingen van kleine- en grote-tertstoonsoort; zelden meer dan 1 noot per lettergreep, een nadrukkelijk gebruik van de kwint en gewoonlijk eenstemmig gezongen. De voornaamste volksinstrumenten die nog gebruikt worden zijn de citer (gusli), tokkelluiten (Domra, Balalaika, Bandura), fluiten (Sopel, dvodensjtsjivka), doedelzak (Duda), hobo (Surna), klarinet (Sjaleika), trompet (Rosjok; de laatste beide herdersinstrumenten) en de Harmonica.
Het Kozakkenlied
Het dagelijkse leven van de Russische kozakken komt naar voren in hun volkskunst en in het bijzonder in hun volksliederen, die verhalen en gebruiken van de soldatengemeenschap uitdragen. De liederen vertegenwoordigen de moed, mateloosheid en vrijheidswil van de kozakken. Maxim Gorki noteerde eens: “Ik bezocht enige malen de kazernen van de kozakken, niet omdat zij zo goed reden of mooi gekleed waren, maar omdat zij zongen en uitstekend dansten.” Alleen de verzameling van de Don - Kozakkenliederen bevat al duizenden werken. Het zijn sagen en historische liederen, liefdes- , jacht- en roversliederen, soldaten- en gevechtsliederen, familie- en feestliederen met alle bijbehorende gebruiken. In 1824 werden in Rusland voor het eerst de teksten van 5 Don - Kozakkenliederen opgesteld. Veertig jaren later waren er al 114 teksten (zonder noten) en tussen 1894 en 1949 schreef de folkloreverzamelaar Listopadov meer dan 2000 Kozakkenliederen op. Het ging hierbij niet alleen om teksten, maarook om muziek in de variant voor koor en de in het volk verspreide zangwijze. Zelfs de afschaffing van het Kozakkenkostuum na de Revolutie van 1917 kon dit zanggoed niet vernietigen.
Zelfs de door de sovjets in de jaren dertig geschapen legerensembles, inclusief het beroemde Alexandrov -ensemble van het Rode Leger, hadden Kozakkenliederen en –dansen op hun programma.
De liederen van de Don-kozakken zijn hoofdzakelijk melodieuze koorliederen. Gewoonlijk begint de voorzanger, daarna vallen de hoge stemmen in, terwijl de bassen hun melodie in de lage registers vervolgen. Kozakken hebben een zeer rijke vocale muziektraditie. Hun liederen verenigden melodische kenmerken van Russen, Oekraïners, Cirkassiers en ander etnische groepen die deelnamen in het vormen van kozakken strijdgemeenschappen. Het zou niet overdreven zijn om te zeggen dat Kozakkenliederen een van de meest belangrijke elementen van hun etnische identiteit zijn. Vele jaren geleden beschreef een verbaasde niet-kozak de volgende scene: Na een gevecht was een Kozakstrijder ernstig gewond en het zag ernaar uit dat hij dood zou gaan. Andere kozakken stonden in een cirkel (“krug”) rond de gewonde en begonnen te zingen over hun gevechten en strijdersleven. De energie van het ritueel was zo sterk dat de Kozak opstond en met zijn dienstbroeders meedeed in hun gezang.
Dit kon niet door een buitenstaander worden uitgelegd – maar voor de kozakken was dit het perfecte gevoel. Zij groeiden op deze liederen, het was iets waar ze zich aan konden vasthouden.
De traditionele muziek van de Kuban-Kozakken is nogal apart. Het kan onderverdeeld worden in twee hoofdstijlen: Zwarte Zee (met sterk Oekraïense invloed) en Lineair (met sterke Russische invloed).
De reden is dat deze Kozakkengroep (na de Don-host de grootste Kozakkenhost) was gevormd door de Zwarte Zee Kozakken (voormalige Zaporozje), Don- en Ekaterinoslav Kozakken.
Daarom zijn er liederen die door kozakken als Kozakkenliederen betiteld worden en door de Oekraïner als Oekraïense liederen. Het meest typische in de Kozakkenmuziek is de zogenaamde “Indo-Chinese”, of “Schotse” toonladder (uitgevoerd op slechts de zwarte toetsen van de piano). Deze pentatoniek (toonsysteem met slechts vijf verschillende tonen) voegt aan de melodie een aparte kleur toe, ongewoon aan het oor dat gewend is aan de harmonische combinatie van de klassieke muzikale toonladder.
Ondanks de linguïstieke overeenkomsten verschillen de melodieën van de Zwarte-Zee Kozakken van de Oekraïense muziek, te wijten aan de dominantie van dezelfde natuurklanken van de “oosterse” vijf-tonen-toonladder (gebaseerd op de commentaren gemaakt door A.M. Listopadov in zijn 5-volumes werk “Liederen van de Don-kozakken” of “Pesni Donskih Kazakov”, Muzgiz, 1953).
Enkele Kozakkenliederen zijn zo populair onder niet-kozakken-Russen, dat niemand zich meer herinnert dat het eigenlijk Kozakkenliederen zijn, maar er zijn ook liederen over kozakken die oorspronkelijk stadsliederen waren. Heel vaak kan hetzelfde lied van regio tot regio licht variëren in lyrische stijl en arrangement.











